Spring- en dressuurclinic Johan Hamminga !

Maandagavond 7/2 Hebben Eva en Ives de clinic bijgewoond van Johan Hamminga die plaats vond in Oirschot.

De avond startte met een springclinic. 3 springruiters verschenen in de piste. Onder leiding van Johan reden ze eerst hun paarden dressuurmatig los. Hierbij spendeerde hij veel aandacht aan tempocontrole en houdingcontrole. Daarnaast maakte hij veel opmerkingen over het binnenteugel-gebruik van de 3 ruiters. Hij vertelde dat alle ruiters veel te veel met de binnenteugel rijden/wenden en dat deze vaak veel te strak werd vastgehouden. Hierdoor maken paarden spanning en kan het binnenachterbeen onvoldoende onderkomen en doorbuigen. Buitenteugel en buitenbeen waren veel belangrijker.

Daarna liet hij de ruiters een paar eenvoudige lijntjes rijden. Hij vond het belangrijk om de paarden niet te veel te storen in de mond. 'Laat lopen', 'Niet te veel rommelen' , 'Meer lucht',  klonk het meermaals in de piste. Hij vond dat springruiters in het algemeen hun paarden veel te veel blokkeren aan de voorkant. Daarna zette hij een breedtesprong in het lijntje. We trainen allemaal 'hoog' maar nooit 'breed' , gaf hij aan. Regelmatig een breedtesprong inlassen verbeterde de 'rek' in de paarden, volgens hem. Vervolgens liet hij de ruiters een aantal sprongen op de volte nemen en de avond eindigde met een lijntje op 5 galopsprongen dat wel aan de maat stond.

Vervolgens was het de beurt aan de dressuurruiters. 3 fijne dressuuramazones verschenen in de piste (allen Z2 of hoger). In het loswerken gaf hij wederom veel aandacht aan tempo- en houdingcontrole. Hij liet de ruiters in een light forward (verlichte zit) ronddraven en galopperen. De instructeur vond het belangrijk om paarden die zwak waren in de rug-lendenen niet te extreem diep en rond in te stellen.

Een amazone met een Jazz afstamming had het moeilijk om haar paard bij de les te houden. Hij gaapte, keek rond, was schrikachtig en gaf veel verzet. Hier ging de instructeur heel fijn op in. Hij legde uit dat je met zo'n paarden mee moet werken en niet tegen moet werken. 'Hou hem aan het werk', 'Doorrijden', 'Dat hoofd maakt niets uit', 'Niet straffen', 'Fouten zijn niet erg'.... Door gewoon geduldig te blijven en je hoofd niet 'gek' te laten maken, komt het allemaal goed zei hij... en gelijk had hij.

Later op de avond gaf de instructeur tips om wissels te rijden. Hoe je deze kon verbeteren en hoe je kon zorgen dat een paard recht en met afdruk een wissel sprong. Hij liet de ruiters eerst sterk verzamelen, een arbeidspirouette rijden linksom, daarna appuyeren naar links en vervolgens een wissel naar rechts maken. Door de druk op het binnenachterbeen (links) zodanig te verhogen, wil een paard daar sneller van af en is hij meer geneigd de wissel naar rechts met meer afdruk te springen.

Tijdens de clinic viel weer op dat hij ruiters vooral met het been/zit liet rijden. Ook de dressuurruiters reden volgens hem in het algemeen veel te veel op de binnenteugel. 'Meer buitenteugel en buitenbeen' , 'Los aan de voorkant', 'Geef hem lucht' klonk het regelmatig in de piste.

'Ik ben zot van de achterkant' grapte hij op een gegeven moment tegen de amazones. Hiermee gaf hij aan dat het belangrijk was om een paard van achter naar voor te rijden. Een paard moet tot dragen komen van achter uit. Hij moet buigen in het binnenachterbeen. Daarom vond hij het belangrijk voldoende op de buitenteugel te rijden. Hoe meer we rommelen aan die binnenteugel, hoe meer we ons paard blokkeren in het binnenachterbeen. Hij demonstreerde dit door de 3 amazones heel fel te laten terug galopperen en te laten schakelen op de volte. De paarden namen meer gewicht op het binnenachterbeen en kwamen na een paar minuten echt mooi tot dragen.

Het was een zeer interessante avond, waar we veel van opgestoken hebben. We kijken al uit naar de vervolgclinic in 2012.

Johan Hamminga, hier op de foto naast Edward Gal. Johan Hamminga is hoofdsinstructeur bij het KNHS en is hoofddocent in de ORUN instructeursopleiding.